2 DistelachtigenCirsium Vederdistel  /  Carduus Distel

 
 
In de volksmond duiden wij met de naam distel allerlei planten aan, die zich kenmerken door stekels op stengels, bladeren en bloemdelen. De meeste van hen behoren tot de familie van de Composieten: de Samengesteldbloemigen; maar ook in andere families treft men ze aan, zoals de Kruisdistel (Erynchium) bij de Schermbloemige.  Plantkundigen vangen al deze soorten in de naam distelachtigen.  De planten hebben tweeslachtige buisbloemen op een hoofdje. Zij zijn tweejarig: op een rozet in het eerste jaar groeit in  het tweede jaar de bloemsteel. De gemiddelde drachtwaarde is N/P 3. De Akkerdistel is veel rijker. 
 Van de ongeveer 10 geslachten zijn het geslacht Distel (Carduus L.) en het geslacht Vederdistel (Cirsium) de belangrijkste.


 
Van het geslacht Carduus is de Nederlandse naam Distel. Hij stamt uit de familie van de Composieten en telt wel tachtig soorten,  die vooral uit het middellandse zee gebied afkomstig zijn. Van de planten zijn zowel de bloemen alsook  de bladeren en de stengels bijzonder stekelig. De plant heeft 2-slachtige buisbloemen, ingeplant in het hoofdje. De kleur is doorgaans rood of paars, soms ook lila of wit. De vruchtpluim heeft vuilwitte haren, die licht getand zijn; in het centrum zijn zij vergroeid tot een ring. In onze flora komen de Langstekelige-, de Knikkende- en de Kruldistel voor. 
 Op de foto: Een stekelige Carduus-soort uit Sicilië. //  Mariadistel Carduus Silybum marianum; als vele van dit geslacht is hij een goede bekende uit de medische wereld; de witte strepen op de schutbladen zouden door de tranen van Maria veroorzaakt zijn. // de Zilverdistel Carduus Carlina acaulis;  heeft een witte rand van schutbladen; ook deze is sinds de oudheid als medische plant gebruikt.  //   Tenslotte de vruchtpluim van de Kruldistel Carduus crispus; de pluim breekt snel af en speelt geen rol bij de verspreiding van de vrucht; door de stekelige voet blijft deze kleven aan de haren van een passerend dier en wordt aldus verspreid.


Van het geslacht Cirsium is de Nederlandse naam Vederdistel. Deze behoort ook tot de familie van de Composieten en telt 200 soorten, afkomstig uit het Noordelijk halfrond. De planten zijn minder stekelig dan die van de Carduus-soorten en de stekels bevinden zich voornamelijk op de bloemdelen. De vruchtpluim bestaat uit enkele rijen van geveerde haren, een onderscheidende eigenschap t.o.v. de Distel ss; het geslacht  dankt hieraan zijn Nederlandse naam en is ook in ons land rijk vertegenwoordigd. Voorbeelden zijn de Speerdistel (Cirsium vulgare) foto rechts ; een forse plant op een rozet van een meter; de plant heeft ook stekels op het blad; de rood- tot lilapaarse buisbloemen zijn wel 3 cm groot op de buikflesvormige bloem. Het plaatje links toont een veldje Kale jonkers (Cirsium palustre).

Een bijzonder plaats neemt de Akkerdistel (Cirsium arvense) in, die onze bijen een hoofddracht biedt.

De Akkerdistel  kwam al ver vóór het begin van onze jaartelling in Europa en Azië voor; in de 17e eeuw namen kolonisten haar mee naar Amerika en Canada, als verstekeling tussen de landbouwzaden. Sindsdien is zij mondiaal het meest verspreide en tevens meest gevreesde “onkruid”. Omdat de plant uitgestrekte kolonies vormt, die nauwelijks kunnen worden uitgeroeid,  brengt zij de telers van  landbouwproducten  en houders van weidegronden tot wanhoop;  voor de imker en zijn bijen evenwel is zij een rijke bron van nectar en pollen.  drachtwaarde N/P 5.
De planten van de Akkerdistel zijn over het algemeen tweehuizig:  dat wil zeggen, dat zij ofwel alleen mannelijke bloemen hebben ofwel alleen vrouwelijke. De vrouwelijke bloemen leveren overvloedige nectar en hebben een lichtzoete geur. De mannelijke bloemen leveren rijkelijk pollen en worden door vele pollenetende insecten bezocht.
  Op cultuurgronden kan de Akkerdistel al gauw tot een ernstige reductie van de opbrengst leiden.
 De meeste landen proberen middels wetgeving verspreiding tegen te gaan. 

Om tot een goede determinatie van de vele distelachtigen te komen kan de site www.yavannah.nl  met zijn beschrijvende foto's  zeer behulpzaam zijn.
artikel  in Bijenhouden juli/aug.over de Akkerdistel juli/aug. 2009 PDF zie:
https://library.wur.nl/ojs/index.php/bijenhouden/article/view/12200/11703